Frits Schetsken

Kunstschatkist

Toermalijn

Bollebooswicht

Kunstschuimer

Kunstspotter

Dendermonde

BENEDICTUS VAN NURSIA (ca.450-548)

"Ora et labora", bid en werk, een bekende spreuk die bedacht is door Benedictus van Nursia, stichter van de benedictijnen. Hij wordt gezien als grondlegger van het westerse kloosterleven, dat hij samenvatte in de geciteerde spreuk, die in de praktijk betekende: acht uur werken, acht uur bidden en acht uur slapen.


Aangenomen wordt, dat hij omstreeks 480 is geboren in Nursia – vandaag Norcia – in de Italiaanse regio Umbrië ten zuidoosten van de stad Perugia. Zijn ouders zijn welstellend en sturen hem voor een opleiding in de vrije kunsten naar Rome. Daar wordt hij pijnlijk getroffen door het volgens hem liederlijke leven van zijn medestudenten en hij staakt dan ook al na enige maanden zijn studie.


Benedictus trekt zich terug in Enfide – vandaag Affile – in de Sabijnse bergen zo’n 40 kilometer van Rome, waar hij zich aansluit bij een groep kluizenaars. Maar uiteindelijk wil hij zich steviger bezinnen en daarom verlaat hij die groep om zich drie jaar in de eenzaamheid van een grot in Subiaco in het dal van de Anio te vestigen. Dat leidt tot het inzicht dat je niet zonder de anderen kunt en hij voegt zich bij een gemeenschap van cenobieten in Vicovaro, die hem prompt tot overste kiezen.


Maar daar krijgen de monniken spoedig spijt van, want het eerste wat Benedictus doet is de tucht danig herstellen. De volgelingen besluiten een moordaanslag op hem te plegen met een beker vol vergif. Maar zodra Benedictus daar een kruis over maakt, barst de beker en mislukt dit snode plan. Ontdaan trekt hij zich opnieuw terug, ditmaal een flink eind verder, in Montecassino zo’n 40 kilometer ten zuiden van Rome, waar hij in 529 een klooster sticht in een oude Romeinse versterking.


Intussen heeft hij ook begrepen dat een gemeenschap van monniken nood heeft aan duidelijke regels rond samenleven en het gedrag van elk individueel als ook richtlijnen voor de dagelijkse gang van zaken. Dat wordt dan de Regula Benedicti, waarvoor hij inspiratie opdoet uit andere bestaande regels en documenten. Zijn kloosterregel zal niet minder dan 73 hoofdstukken omvatten, plus een epiloog, terwijl het laatste hoofdstuk een soort epiloog vormt. Maar zijn regel blijkt zo praktisch bruikbaar, dat veel andere kloosters die overnemen.


Beneden aan de berg waar Benedictus zijn klooster heeft gebouwd, is er ook een vrouwengemeenschap waar zijn eigen zus Scholastica als verpleegster deel van uitmaakt. Zij zal aan de wieg staan van de vrouwelijke tak van haar broers orde, de benedictinessen.


Op 21 maart 547 overlijdt Benedictus in Montecassino, volgens de legende staande en ondersteund door de monniken terwijl hij biddend zijn laatste hostie ontvangt. Van de later heilig verklaarde ordestichter bestaan uiteenlopende afbeeldingen, maar steeds zien we hem in benedictijner pij met een baard. Vaak heeft hij een abtsstaf in de hand, soms draagt hij een mijter. Kenmerkende attributen zijn een boek met die door hem opgestelde kloosterregel en een kelk waaruit een slang kronkelt, herinnerend aan de poging hem te vergiftigen. Een enkele keer komt er ook een raaf bij kijken, met een stuk brood in zijn bek. Dat slaat op een latere poging om Benedictus om te brengen met een vergiftigd brood, dat op miraculeuze wijze net op tijd door deze vogel weggepikt werd, voordat hij er een hap van kon nemen.   


De naam Benedictus betekent de gezegende. Hij is de beschermer van schoolkinderen, hun leraren, kopersmeden en speleologen. Die laatsten omdat hij dus drie jaar als kluizenaar in een grot heeft geleefd. Sinds 1964 is hij door paus Paulus VI ook tot patroonheilige van Europa uitgeroepen. Normaliter is de dag waarop een heilige sterft ook zijn feestdag, want dan gaat hij over naar een hogere sfeer. Dat was dus voor Benedictus 21 maart, maar ook dat is veranderd in 11 juli.