Frits Schetsken

Kunstschatkist

Toermalijn

Bollebooswicht

Kunstschuimer

Kunstspotter

ELISABETH VAN THÜRINGEN (1207-1231)

Elisabeth wordt op 7 juli 1207 als dochter van de Hongaarse koning Andreas II en zijn vrouw Gertrudis van Andechs-Meranië geboren in Sárospatak. Haar voornaam is afgeleid van het Hebreeuwse woord eliseba, de aan God gewijde. Hiermee wordt de moeder van Johannes de Doper bedoeld, die tegelijk met de moeder van Jezus zwanger was en een bezoekje kreeg van haar nicht Maria, waarbij Elisabeth de eerste woorden van het 'Weesgegroet' uitspreekt.

Om politieke redenen wordt Elisabeth van Hongarije reeds als 4-jarig kind verloofd met de latere landgraaf Lodewijk IV van Thüringen, met wie ze in 1221 daadwerkelijk huwt. Nadat ze dus daardoor Elisabeth van Thüringen is geworden, raakt ze in 1226 tijdens een hongersnood in de ban van de armoedeleer van de Franciscanen, waarbij ze brood laat bakken en uitdelen, tegen de zin van haar echtgenoot. Die aandacht voor minderbedeelden vervreemdt haar van het hofleven op de Wartburg in Eisenach. Niettemin blijft Lodewijk haar steunen, al gaat Elisabeth zich steeds nadrukkelijker met liefdadig werk bezighouden. In 1227 sterft haar man tijdens een kruistocht in Otranto aan de pest en blijft zij met haar twee dochters en een zoon achter in een vijandige omgeving.

Omdat ze niet wil hertrouwen met haar zwager Heinrich Raspe, wordt ze door hem en de Thüringse adel verjaagd, worden haar kinderen van haar afgenomen en wordt zij beroofd van al haar bezittingen, waaronder ook het kasteel Wartburg, zodat ze op straat komt te staan. Maar door bemiddeling van hooggeplaatste geestelijke en wereldlijke leiders wordt zij door paus Gregorius IX gerehabiliteerd, ze krijgt een schadevergoeding. Ze trekt zich daarna in vrijwillige armoede terug in het slot Marburg.

In 1228 treedt ze toe tot de derde orde van Sint-Franciscus en laat ze een Franciscushospitaal voor armen, zieken en melaatsen bij haar kasteel bouwen. Gekleed als ordezuster verzorgt ze zelf de zieken.

Elisabeth van Thüringen overlijdt op 17 november 1231 op de Marburg, ze is dan dus pas 24 jaar. Minder dan vier jaar later wordt ze in 1235 reeds heiligverklaard door paus Gregorius, waarvoor vooral Elisabeths biechtvader Konrad heeft geijverd. In de twee jaar daarna tekent monnik Caesarius van Heiserbach haar heilige biografie op, waarbij hij kan putten uit herinneringen van nog levende tijdgenoten.

In 1234 wordt Elisabeths hospitaal overgedragen aan de Duitse Orde, waarbij haar zwager Konrad van Thüringen toegetreden is en die wat later grootmeester van die geestelijke ridderorde wordt. Hij zal ervoor zorgen dat Elisabeth patrones van de Duitse Orde wordt, waardoor er meteen een band met het adellijke geslacht van Thüringen ontstaat.

Elisabeth wordt in afbeeldingen voorgesteld als een gekroonde vorstin met in haar armen een kan en brood. Regelmatig wordt ze afgebeeld met drie kronen in de hand, terwijl een bedelaar aan haar voeten hurkt. Later is een korfje met rozen haar attribuut. Brood, kan en bedelaar verwijzen uiteraard naar haar liefdadigheid, de drie kronen staan voor boetedoening, zuiverheid en het geven van het goede voorbeeld. Het korfje met rozen gaat terug op een wonder dat in de 15de eeuw voor het eerst met Elisabeth in verband wordt gebracht en dat waarschijnlijk voortkomt uit het levensverhaal van de heilige Elisabeth (= koningin Isabel) van Portugal. Zij zou door haar man betrapt zijn met broden in haar mantel die ze aan de armen wilde uitdelen, maar die in rozen blijken veranderd te zijn als ze moet tonen wat ze bij zich heeft.

Elisabeth is patrones van de bakkers - het brood -, weduwen, wezen, bedelaars, kantklosters en ziekenhuispersoneel. Kortom, werk te over. Ze wordt ook nog aangeroepen tegen eczeem en tandpijn en Elisabeth-verenigingen leggen zich toe op liefdadigheid. Veel charitatieve instellingen, zoals ziekenhuizen, zijn naar haar genoemd. Haar feestdag is 17 november, zoals gebruikelijk in de katholieke Kerk is dat de sterfdag, die gezien wordt als een heuglijk intrede in een nieuw en beter leven in het hiernamaals. Aanvankelijk was dat 19 november, wat ertoe heeft geleid dat er drie grote overstromingen naar haar zijn genoemd: de Sint-Elisabethvloeden van 1404, 1421 en 1424, die allemaal op die 19de november plaatsvonden. De eerste heeft Vlaanderen sterk getroffen en werd aanleiding tot de aanleg van de Graaf Jansdijk op initiatief van Margaretha van Male. Bij de tweede vloed werd de kiem gelegd voor de Biesbosch, een moerassig natuurgebied nabij de Nederlandse stad Dordrecht. Ben je nog zo goed voor de mensen tijdens je leven, uiteindelijk herinneren ze je als een grote ramp!


Quartier Latin